De druk op de zorg neemt toe, maar misschien veroorzaakt die zorg dat probleem ook deels wel zelf. Die conclusie kon getrokken worden tijdens een bijeenkomst van de coalitie Vergrijzende Samenleving waar de Schijf van Vijf van de zorg nog eens werd uitgelegd. Zorgverleners schieten immers vaak direct in de ‘zorg-stand’, terwijl familie of sociaal netwerk veel taken kan overnemen. ‘Vooral aan de voorkant is veel te winnen’, zo was te beluisteren tijdens deze bijeenkomst. Maar vergt wel een attitude en gedragsverandering van zorgpersoneel.
Voorbeelden te over op deze bijeenkomst in de Deventer Gasfabriek van hoe zorg zich deels zelf in de vingers snijdt. Een dochter die drie broeken voor paps met WLZ-indicatie in een zorginstelling heeft gekocht en de verpleging vraagt: ‘Willen jullie die even passen?’ Tuurlijk, maar kan de dochter dat niet zelf? Bewoners van een zorginstelling die aan verpleging vragen even de post beneden te halen. Zorg zegt vaak: ‘Natuurlijk. Doe ik zo.’ Daarmee bewoners beweging en sociaal contact ontnemend. De koffiekar die nog altijd langs komt. Kunnen mensen nu echt niet zelf even koffie halen? Verpleging die toch maar even de afwas voor de bewoner met indicatie doet terwijl die bewoner of familie dat nog prima zelf kan. Moet schoonmaken nu echt door een gecertificeerd persoon of kan de familie dat ook? Het zijn vooral ingesloten patronen. Het zorghart zegt immers standaard: “Ja”, doen wij wel. ‘Het doet iets “met je zijn als zorgverlener” als je nee zegt’, liet inleider en ontwikkelaar van deze Schijf van vijf (niet te verwarren met de voedingsschijf van vijf) Petri Cornelissen tijdens de bijeenkomst weten. ‘We willen direct de zorgvraag van een cliënt overnemen. Maar moet dat altijd?’

Petri Cornelissen: ‘Het gaat aan de voorkant vaak mis.’
Plaatje-praatje-daadje
Bij een vraag van een cliënt schiet de zorgverlener vaak standaard in de ‘vijfde schijf’: de professional lost het wel op. Maar er zitten vier schijven voor. De eerste is: wat kan de cliënt zelf nog? Tweede schijf: welke hulpmiddelen zijn er? Drie: wat kan familie en mantelzorg? En vier: wat kan een sociaal netwerk rondom de cliënt? Voor Petri Cornelissen is de Schijf van vijf vooral een goed praatstuk voor zorgverleners, patiënten en familie. Met de afbeelding in de hand kun je veel makkelijker een gesprek voeren. Kun je iets zelf of nog iets leren? Petri Cornelissen: ‘Mijn moeder van boven de negentig gebruikt nog gewoon een i-phone en tablet.’ Is er een netwerk? Wat kan familie doen? Petri Cornelissen: ‘Het is plaatje, praatje, daadje. Met de schijf kun je veel makkelijker een gesprek voeren over wat wel en niet gedaan moet worden door de zorg.’ Met name aan de voorkant gaat het vaak mis weet hij uit ervaring. We praten over een ‘opname’ wat iets anders suggereert dat een welkomstgesprek. En dat eerste gesprek is direct een zorggesprek, maar er blijft vaak weinig hangen. ‘Trek dit uit elkaar en plan na twee weken een Samen Doen Gesprek.’ Met de Schijf van vijf in de hand kun je dan veel makkelijker bepalen wat in verschillende fases zorg niet hoeft te doen, maar inzet van familie of mantelzorg prima is. Daarmee kan de zorg zichzelf enorm ontlasten.

Zorg kan het zichzelf met plaatje-praatje-daadje stuk simpeler maken.
Bloem, bril, schijf
De Schijf van vijf is één metafoor en zeker niet heilig. Bij Carinova werken ze bijvoorbeeld niet met de Schijf van vijf maar met een “vijfbladige bloem” (om zo hiërarchie in taken te voorkomen) en Solis werkt met een bril als metafoor. Organisator van deze bijeenkomst Laura Steman (Solis) over de keuze van Solis voor de bril als praatplaat: ‘Je moet zorgen dat de metafoor aansluit op de visie van je organisatie. De visie bij Solis is: met andere ogen kijken. Daarom hebben we de bril-matafoor uitgewerkt. Anders denken medewerkers al snel: alweer wat nieuws?’ Wat voor Laura bloem, schijf en bril bindt, is dat sprake moet zijn van een cultuurverandering/mindshift. Met zo’n metafoor kun je bijvoorbeeld beter een teamgesprek voeren waarbij je duidelijk maakt dat de zorg niet alles hoeft te doen. Dat er andere mogelijkheden zijn die uiteindelijk kunnen zorgen voor ontlasting van de zorg. Petri Cornelissen: ‘Waarom hebben we het nog altijd over “u komt bij ons wonen”? En: “Jij zorgt voor mij!” Daarmee zet je al een verkeerde toon. Daarmee neem je als zorgverlener feitelijk de cliënt direct over terwijl er ook familie en een sociaal netwerk is. Probeer patronen te doorbreken.’ Een plaatje helpt volgens betrokkenen enorm bij verwachtingsmanagement richting familie: dit doen we als zorg, dit kan prima de periferie van de zorg oppakken.

Na de pauze werd tijdens deze bijeenkomst gezocht naar oplossingen.
Oplossingen
Na de pauze (met gezonde voeding uit de meer bekendere Schijf van Vijf) gingen de betrokkenen in groepjes aan de slag met de vraag: hoe nemen we de inwoners van Salland én hun omgeving mee in deze nieuwe manier van kijken? Hierbij werden dromen, uitdagingen en oplossingen gedeeld. Onderwijs bleek één oplossingsrichting. Door in onderwijs direct al zaken als zelfredzaamheid te benoemen, leid je mensen op die niet direct in de zorgmodus schieten. Niet direct in “schijf vijf: de professional’’ denken. Een grote ‘MONO’ of ‘BOB’ campagne werd voorgesteld om zowel cliënt als familie te wijzen op een andere inrichting van zorg. Andere woonvormen, meer samenwerken….. Laura: ‘De familie, het sociale netwerk wil echt wel helpen is mijn ervaring. Alleen moeten we het als zorg veel beter uitleggen.’ Direct al aan de voorkant dus.

Van links naar rechts: de bloem van Carinova, de bril van Solis en de Schijf van Vijf. Varianten op eenzelfde thema: kijk naar wat de cliënt kan en schakel de zorgprofessional pas in als het moet.